En eigenlijk is dat helemaal niet zo gek.

Waarom rust de basis is voor groei bij kinderen

Kinderen groeien op in een wereld waarin veel op ze afkomt. School, vriendjes, sport, schermen, huiswerk, toetsen, verwachtingen, drukke dagen en volle hoofden. En thuis loopt het gewone gezinsleven ook gewoon door. Er moet gegeten worden, geslapen worden, op tijd vertrokken worden, tassen moeten klaarstaan en ondertussen heeft iedereen zijn eigen buien, gedachten en energie.

Als ouder zie je vaak als eerste wanneer het te veel wordt.

Je kind wordt sneller boos dan anders.
Het huilt om iets kleins.
Het kan moeilijk in slaap vallen.
Het piekert veel.
Het ‘hangt’ aan je, terwijl je eigenlijk nog van alles moet doen.
Of je merkt dat er steeds strijd ontstaat om dingen waarvan je later denkt “waar ging dit nou eigenlijk over?”

Dat zijn vaak de momenten waarop je naar het gedrag kijkt en reageert…..
“Waarom luister je nou niet?”, “Doe eens rustig.”, “Je hoeft toch niet meteen zo boos te worden?” en “Schiet nou eens op.”

Heel begrijpelijk en zeker als je zelf ook nog moe bent of de dag al vol genoeg is geweest.

Maar onder dat gedrag zit vaak iets anders.

Een kind dat boos wordt, kan eigenlijk overprikkeld zijn.
Een kind dat niet luistert, kan zo vol zitten dat er niets meer binnenkomt.
Een kind dat steeds discussie maakt, kan zoeken naar grip.
Een kind dat niet wil slapen, kan een hoofd hebben dat maar doorgaat.
Een kind dat snel huilt, kan spanning in het lijf hebben die eruit moet.

En daar helpt de piramide van Maslow om anders te kijken.

 

Eerst de basis, daarna groei

De piramide van Maslow laat zien dat mensen pas echt kunnen groeien, leren en ontwikkelen als de basis stevig genoeg is.

Voor kinderen betekent dat heel concreet: een kind kan pas ontspannen, leren, luisteren, samenwerken en vertrouwen opbouwen als het lichaam en het gevoel van veiligheid voldoende tot rust komen.

Dat klinkt misschien logisch, maar in de praktijk vergeten we het vaak.

We verwachten van kinderen dat ze zich concentreren, hun emoties onder controle houden, rekening houden met anderen, zelfstandig worden, goed slapen, leren op school en gezellig meedoen in het gezin.

 

Maar als de basis wiebelt, wordt dat allemaal veel moeilijker.

Stel je kind komt uit school. De dag was druk. Er was lawaai in de klas. Een vriendje deed onaardig. De gymles liep anders dan verwacht. De juf was streng. Het broodtrommeltje kwam halfvol terug. En dan moet je kind thuis ook nog zijn schoenen opruimen, handen wassen en gezellig aan tafel zitten……

Dan kan één kleine opmerking al genoeg zijn.

Je kind is dan niet dwars, maar doet zo omdat het systeem gewoonweg vol zit.

Het lijf staat nog helemaal “aan” en het hoofd zit vol, dan zoekt de spanning een uitweg.
En dat is nou net bij jou! 

Wat kinderen nodig hebben voordat ze kunnen groeien

  • In de onderste laag van de piramide gaat het over het lichaam en de basisbehoeften. Voor kinderen zijn slaap, eten, rust, ademhaling en beweging enorm belangrijk.
    Een kind dat moe is, honger heeft of al de hele dag op spanning staat door bijvoorbeeld een oorlog, heeft minder ruimte om rustig te reageren.
    Die basis zit bij jou, denk ik, over het algemeen wel goed, anders las je dit niet. 
  • Daarboven komt veiligheid. Kinderen hebben duidelijkheid, voorspelbaarheid en rust nodig. En nee, niet alles hoeft altijd hetzelfde te zijn of te gaan, maar omdat een kind zich fijner voelt als het weet waar het aan toe is, is enige regelmaat wel belangrijk. Een simpel ritueel voor het slapen, een rustige overgang na school of even samen ademhalen voor een spannende situatie kan al veel doen.
  • Daarna komt verbinding. Een kind wil voelen dat jij hem ziet. Dat je er nog bent, ook als hij boos is.
    Het wil voelen: ‘Ik hoor erbij, ook als ik het even niet goed doe.’
    Juist op moeilijke momenten hebben kinderen verbinding nodig. Het hoeft niet altijd met veel woorden te zijn, soms alleen even naast je kind zitten, een hand op de rug, of zeggen: “Ik zie dat het even veel is.” Kan al zoveel betekenen voor je kind.
  • Vanuit die basis kan zelfvertrouwen groeien.
    Een kind gaat dan voelen:
    Ik kan dit leren.
    Het is oké wat ik voel.
    Ik hoef het niet meteen goed te doen, ik mag oefenen.
    Na een boze bui kan ik het weer goedmaken.
    Mijn hoofd zegt soms van alles, maar dat hoeft niet altijd te kloppen.
    Ook als ik iets doe wat niet handig is, ben ik nog steeds oké.
  • En pas daarna ontstaat er ruimte voor leren en groeien. Voor concentratie, veerkracht, zelfstandigheid en voor nieuwe dingen proberen.

Wat ik als juf vaak zag

In mijn jaren als juf heb ik veel kinderen gezien bij wie het gedrag eigenlijk een signaal was.

Kinderen die druk deden, maar vooral spanning in hun lijf hadden.
Kinderen die snel boos werden, maar eigenlijk niet goed wisten hoe ze moesten vertellen wat er vanbinnen gebeurde.
Kinderen die steeds grapjes maakten, terwijl ze onzeker waren.
Kinderen die stil werden en zich terugtrokken, terwijl hun hoofd overuren maakte.

Als je alleen naar het gedrag kijkt, dan denk je vaak: “dit kind luistert niet, werkt niet mee of doet moeilijk.” 

Maar als je iets langer kijkt, zie je vaak iets anders.

Je ziet een kind dat hulp nodig heeft om weer terug te zakken in zijn lijf.
Een kind dat nog niet weet hoe het spanning kan loslaten.
Een kind dat woorden nodig heeft voor emoties.
Een kind dat veiligheid nodig heeft voordat het weer open kan staan.

Ik heb vaak gemerkt dat kleine momenten al verschil kunnen maken. Even samen ademen. Een korte bewegingsoefening. Een kind laten voelen waar spanning zit. Een rustig ritueel. Een moment waarop er niets hoeft te worden opgelost, maar waarin een kind alleen even mag landen.

Dat is precies waarom ik mindfulness en kinderyoga zo waardevol vind voor kinderen en het daarom ook al bijna 20 jaar aan kinderen binnen en buiten de klas geef. Of via de leerkracht en ouders doorgeef. 

Mindfulness en kinderyoga maken de basis sterker

Mindfulness en kinderyoga gaan voor mij niet over lang stilzitten of ingewikkelde oefeningen.

Voor kinderen werkt het juist het best als het speels, kort en praktisch is.

Een kind leert bijvoorbeeld voelen: mijn buik beweegt als ik ademhaal.
Mijn schouders zitten hoog als ik spanning heb.
Mijn hoofd vertelt soms allerlei verhalen die niet altijd waar zijn.
Mijn voeten kunnen me helpen om weer stevig te staan.
Mijn adem kan me helpen om even te pauzeren.

Dat zijn kleine ontdekkingen, maar ze kunnen een groot verschil maken.
Ik weet nog heel goed de momenten waarop ik me hier bewust van werd en leerde wat ik ermee kon doen. Echt een levensles!

Een kind dat merkt dat het boosheid eerder kan voelen aankomen, krijgt meer keuze.
Een kind dat leert ademen bij spanning, voelt dat het niet overspoeld hoeft te worden.
Een kind dat ervaart dat gedachten niet altijd de waarheid zijn, kan iets vriendelijker naar zichzelf kijken.
Een kind dat samen met een ouder oefent, voelt verbinding.

En voor ouders is het ook fijn. Je hoeft niet meteen een groot plan te maken. Je hoeft niet elke dag een half uur vrij te maken. Je hoeft het zeker niet perfect te doen.

Vaak begint het met één klein rustmoment.

Na school even samen op de bank zitten zonder vragenvuur.
Voor het slapen drie rustige ademhalingen doen.
Bij boosheid eerst voelen waar de spanning zit.
Samen schudden met armen en benen na een drukke dag.
Een hand op de buik leggen en merken hoe de adem vanzelf beweegt.

Kleine oefeningen kunnen een anker worden in een druk gezinsleven.

Je hoeft niet te wachten tot het uit de hand loopt

Veel ouders gaan pas zoeken naar hulp als de emmer al overloopt. Als er veel strijd is. Als slapen een probleem wordt. Als een kind vaak ontploft of juist steeds stiller wordt. En dan helpt het zeker.

Maar deze vaardigheden zijn juist zo waardevol om al eerder mee te beginnen.

Niet als extra taak op je lijstje, maar als kleine momenten van rust en verbinding.

Een kind hoeft niet eerst vast te lopen om te leren hoe je met spanning, gedachten en emoties omgaat. Eigenlijk zijn dit vaardigheden die ieder kind zou mogen leren.

Hoe voelt rust in mijn lijf?
Wat gebeurt er als ik boos word?
Welke gedachten helpen mij niet?
Hoe kan ik pauzeren voordat ik reageer?
Hoe kan ik weer terugkomen bij mezelf?

Dat zijn vaardigheden voor het dagelijks leven en een cadeau voor later.

Thuis.
Op school.
In vriendschappen.
Bij teleurstelling.
Voor het slapen.
Op spannende momenten.
En later, als ze groter worden.

Rust begint bij de basis

Als je kind snel boos wordt, piekert, overprikkeld raakt, slecht slaapt of weinig zelfvertrouwen heeft, is het verleidelijk om vooral het gedrag te willen veranderen.

Maar vaak helpt het om eerst terug te gaan naar de basis.

Naar het lijf, naar veiligheid, naar verbinding en naar vertrouwen.

Van daaruit ontstaat er ruimte om te groeien.

Dat is waar mijn werkwijze over gaat, kinderen samen met hun ouders op een speelse en praktische manier laten ervaren hoe rust voelt. Niet ingewikkeld, gewoon stap voor stap.

Want een kind dat leert voelen wat er vanbinnen gebeurt, krijgt iets mee waar het zijn hele leven op kan terugvallen.

Meer rust in het lichaam.
Meer grip op emoties.
Meer vertrouwen in zichzelf.
En meer verbinding binnen het gezin.

Wil je hier op een eenvoudige en speelse manier mee beginnen?
Dan is mijn Rust & Fun KeuzeRad een fijne eerste stap.

Met dit rad kies je samen met je kind korte, leuke oefeningen die helpen om te ontspannen, te bewegen en weer even te landen in het moment. Geen lange uitleg, geen ingewikkelde stappen, maar gewoon samen doen.

Je kunt het rad gratis downloaden en gebruiken in jullie dagelijkse momenten.

Zo maak je van kleine rustmomenten iets leuks én waardevols voor jullie allebei.